Christelijke ethiek

In politieke discussies gaat het tegenwoordig vaak over ‘normen en waarden’. Soms gaat het gesprek over welke normen en waarden ‘Nederlands’ zijn, maar er is ook vaak sprake van een ‘christelijke ethiek’. In debatten over gezondheidszorg wordt bijvoorbeeld vaak gerefereerd aan een christelijke moraal. Maar wat is een christelijke ethiek eigenlijk? En wat is het verband tussen ethiek en godsdienst?

‘Als God niet bestaat, is alles geoorloofd,’ zei de schrijver Dostojevski. Als er geen opperwezen is dat oordeelt na je dood, waarom zou je dan goed doen? Toch is er onafhankelijk van godsdienst een ethiek. Kennelijk vinden mensen wel bepaalde zaken ‘goed’ of ‘slecht’, hoewel ze het er bijna nooit volledig over eens zijn wat dan goed en slecht.
Vele christelijke filosofen hebben zich beziggehouden met de relatie tussen het christendom en ethiek. Augustinus en Thomas van Aquino zijn hier bekende voorbeelden van. De discussie wordt nog steeds gevoerd, het definitieve antwoord is nog niet gegeven. Een kernvraag in de godsdienstfilosofie (niet alleen in de christelijke!) is of iets goed is omdat God het zegt, of dat God iets zegt omdat het goed is. Deze vraag werd al door Plato gesteld over de Griekse Goden. Als je je aan de tien geboden houdt, doe je dat dan omdat het ‘moet van God’, of omdat je het goede, ethische leefregels vindt?
Grofweg zijn er drie richtingen om naar de combinatie van de Bijbel en ethiek te kijken. Een deel van de gelovigen vindt dat normen en waarden rechtstreeks uit de Bijbel gehaald kunnen worden. Alles dat in de Bijbel staat is waar. Anderen vinden dat de normen en waarden uit de Bijbel in een historisch kader moeten worden geplaatst. Er is dan uit de Bijbel wel een denkrichting te halen, maar de geboden en verboden hoeven niet letterlijk te worden nagevolgd. Dan is er nog een groep die vindt dat morele dillema’s rationeel moeten worden opgelost. Door kritisch na te denken dus. Zij gaan er van uit dat er in de Bijbel geen kant-en-klare antwoorden staan.